Michael Freilich: “Het advies van de GBA is duidelijk. Er kunnen precieze conclusies getrokken worden uit verkeers- en locatiegegevens over het privéleven van personen. Al doende vormt de verplichte opslag en ter beschikkingstelling van de overheid een ernstige inbreuk op de privacy én op het recht op bescherming van persoonsgegevens. Van belang hierbij is ook dat in dit debat het Europees Hof van Justitie in Luxemburg eerder al duidelijke grenzen trok: dataretentie kan enkel waar dat noodzakelijk is en evenredig. De bewaring van verkeers- en locatie-gegevens in een democratische samenleving moet volgens het Hof de uitzondering blijven. Dit wetsontwerp gaat aan deze bezwaren voorbij. Ik vrees dan ook dat we afstevenen op een nieuwe vernietiging.”

Om deze reden stemde onze N-VA-fractie tegen het wetsontwerp, met weliswaar één onthouding. Sophie De Wit wil zo een maatschappelijk signaal geven: “In plaats van rekening te houden met de bezwaren van het Grondwettelijk Hof en het Europees Hof voor Justitie, lijkt de regering met dit ontwerp de risico’s op een vernietiging nog meer op te zoeken. Deze rechtbanken zijn duidelijk: een nieuwe vernietiging kan maar worden vermeden als het bewaren van gegevens ook in de praktijk niet systematisch en continu gebeurt en dat de bewaring daarvan de uitzondering blijft. Dit is dan ook een gemiste kans, want een nieuw sluitend kader voor dataretentie is wel degelijk noodzakelijk. Onze politiediensten moeten met de handen op de rug gebonden vechten tegen georganiseerde criminaliteit. Een sluitend wettelijk systeem voor de consultatie van meta-data in online berichtverkeer is onvermijdelijk wil justitie bendecriminaliteit kunnen verslaan. Dat moet een delicaat evenwicht vinden tussen effectiviteit en recht op privacy. Hoe sneller er een kader komt dat wél de grondwettelijke toets kan doorstaan, hoe beter.”

DEELTWEETLINKE-MAIL

Onderwerpen