De voorbije maanden stelde ik meermaals parlementaire vragen over graffiti op NMBS-materieel, nadat opnieuw treinen in dienst waren genomen met expliciete politieke en ideologische boodschappen. Dergelijke incidenten zijn onaanvaardbaar: ze normaliseren intimidatie in de publieke ruimte en tasten het gezag van de overheid aan.

Structurele problemen bij handhaving

In opvolging van eerdere vragen ontving ik bijkomende verontrustende informatie van Securail. Daaruit blijkt dat de dienst SPC (Spoorwegpolitie) structureel onderbezet is. Securail-medewerkers geven aan dat zij daders soms effectief aantreffen en maximaal twee uur kunnen vasthouden, maar dat SPC vaak niet of veel te laat ter plaatse komt. Dit ondermijnt elke vorm van afschrikking en leidt tot frustratie bij het personeel dat wél ter plaatse is.

Deze vaststelling heb ik expliciet overgemaakt aan de minister van Mobiliteit, met de vraag of hij deze bezorgdheid deelt en of hierover overleg plaatsvindt met de minister van Binnenlandse Zaken, die bevoegd is voor de politiediensten.

Antwoord van de minister: erkenning, maar ook beperkingen

In zijn antwoord erkent minister Crucke de ernst van de graffiti-problematiek. Hij bevestigt dat hij de CEO van de NMBS formeel heeft aangeschreven met de vraag om een actieplan en een gedetailleerd feitenverslag. De officiële policy blijft dat treinen met graffiti van politieke, racistische of veiligheidsbedreigende aard niet mogen rijden.

Tegelijk wijst de minister op praktische problemen: graffiti is niet altijd eenvoudig te detecteren, zeker wanneer treinen ’s nachts op spoorbundels staan zonder personeel. In het concrete geval waarover ik vragen stelde, werd de trein volgens de minister pas later als problematisch geïdentificeerd en onmiddellijk uit dienst genomen om de graffiti te verwijderen.

De cijfers zijn bovendien veelzeggend. In 2024 kostte het verwijderen van graffiti de NMBS 8,8 miljoen euro. Dat budget blijft ook voor 2025 en 2026 voorzien. In datzelfde jaar werden 382 meldingen van graffiti geregistreerd, maar slechts 51 processen-verbaal opgesteld. Over de voorbije vijf jaar werden slechts 33 juridische dossiers geopend, waarvan het merendeel zonder effectieve recuperatie wegens onbekende of onvermogende daders.

Nood aan een doortastender aanpak

De minister verwijst naar geïntegreerde veiligheidsplannen per spoorbundel, met maatregelen zoals extra patrouilles, hekken, toegangscontrole, verlichting en camerabewaking. Dat zijn noodzakelijke stappen, maar ze volstaan niet zolang de pakkans laag blijft en samenwerking tussen veiligheidsdiensten onvoldoende functioneert.

Graffiti met een ideologisch of intimiderend karakter is geen randfenomeen. Het raakt aan de kern van onze rechtsstaat: wie de publieke ruimte gebruikt om haat te verspreiden, mag niet rekenen op straffeloosheid. Daarom blijf ik dit dossier verder opvolgen, zowel wat betreft de capaciteit van SPC als de effectieve handhaving en vervolging van daders.

Openbaar vervoer moet veilig, neutraal en vrij van intimidatie zijn — voor iedereen.